SCHEUNIS & Co

Wijziging rente WAP - Sociaal passief

Vanaf 2025 gaat het wettelijk minimum rendement  dat werkgevers voor het aanvullend pensioen van hun werkgevers moeten aanbieden omhoog naar 2,5%. Deze aanpassing valt onder de Wet op de aanvullende pensioenen (WAP). Dat klinkt als goed nieuws voor werknemers, maar voor werkgevers kan dit een aanzienlijke impact hebben, met name op het zogenaamde sociaal passief.


Maar wat houdt dat precies in?
Het sociaal passief is de toekomstige verplichting die werkgevers hebben tegenover hun werknemers voor de uitbetaling van het aanvullend pensioen. Als werkgever ben je verplicht om het pensioenkapitaal van je werknemers minimum te laten aangroeien tegen de wettelijk vastgelegde rentevoet (art. 24  WAP). Met de verhoging naar 2,5% stijgt dus het rendement dat de groepsverzekering of het pensioenplan minimum moet bieden.


Deze minimum rendementsgarantie geldt niet alleen voor de toelage van de werkgever maar ook op de eventuele eigen bijdrage van de werknemer.


Vooral werkgevers die in het verleden hebben gekozen voor pensioenplannen met een lage vaste rentevoet of met beleggingsfondsen zonder gegarandeerde opbrengst, kunnen in de problemen komen. Want als de opbrengst van het pensioenplan of de groepsverzekering lager is dan de nieuwe minimumrente, moet de werkgever het verschil bijpassen. Dat kan ervoor zorgen dat het sociaal passief plots veel groter wordt dan verwacht.


Wat kan jij als werkgever doen?

Herbekijk jouw pensioenplan: check samen met je verzekeringsraadgever of jouw huidig aanvullend pensioenplan voldoende opbrengst biedt om die 2,5% te halen. Dit voorkomt onaangename verrassingen in de toekomst.


Hou de pensioenreserves in de gaten: haalt je pensioenplan of groepsverzekering het wettelijke minimumrendement niet, leg dan voldoende reserves aan om het verschil bij te passen. Zo voorkom je dat je sociaal passief te fel zou stijgen.


Misschien heb je alleen maar jonge werknemers en denk je dat het nog wel even duurt voor ze op pensioen gaan.  Hou er in dat geval wel rekening mee dat ook indien een werknemer het bedrijf verlaat voor de pensioenleeftijd (bijvoorbeeld na ontslag), je op dat moment een eventueel tekort moet aanzuiveren (art. 30 WAM).